STIL.de opening

STIL.de opening

Deel 2

Na de flinke wandeling in stilte en niet-stilte, komen we aan bij Klooster Wittem.

In het klooster heeft Maartje met hulp van haar vader een lunch voorbereid. In de refter, een lange en hoge ruimte versierd met imposante schilderijen, staan tafels met op de tafels kannen koffie en thee, en borden vol verse broodjes. Aan het einde van de refter een preekstoel met daarboven een schilderij van Maria. Als iedereen zit betreden Maartje en haar vader via de grote openslaande deuren de refter, terwijl ze een serveerwagen vooruit duwen waar een grote pan soep op staat. Ik kijk glunderend om mij heen in de hoop dat meer mensen dit prachtig theatrale beeld hebben gezien. Niemand kijkt. Er wordt nog meer ontmoet en gepraat, met op de achtergrond het geluid van het neerzetten van koffiekopjes en het roeren van de koffielepels.

De lunch loopt over in een verhaal van dramaturg Peter, die nu in de preekstoel zit en nog niet helemaal kan geloven dat hij werkelijk vanuit zo’n stoel een groep mensen toespreekt. Terwijl hij spreekt houdt Maria een hand boven zijn hoofd. Het is muisstil in de refter. Niemand durft zich nog te bewegen, wetende dat alleen al het verschuiven van een stoel enorm galmt.

Na het verhaal van Peter verplaatst de groep zich naar de bibliotheek op de eerste verdieping. Ik sta al op het podium als de stilbezoekers éen voor éen de bibliotheek met haar krakende houten vloer betreden. Iedereen zwijgt, maar hoe stilletjes iedereen ook probeert te lopen, de vloer kraakt eigenwijs. Er klinkt pianomuziek van Jolle Roelofs, die hij tijdens zijn dagen in het stiltelab heeft gecomponeerd. Iedereen luistert. Op dit moment lijkt de stilte even werkelijk te vallen. Samen met de muziek, de voetstappen en het gekraak van de houten vloer.
Als ik mijn verhaal heb voorgelezen, Philippe de directeur van het klooster sprankelend heeft verteld over de verschillende soorten stilte en over waarom hij de samenwerking met Hoge Fronten is aangegaan, en Lieke het project verder heeft toegelicht, wordt Udo Thijssen het podium op geroepen. Het moment waar iedereen naar heeft uitgekeken is gekomen. STIL.het lab gaat geopend worden. Vormgever Udo Thijssen, die STIL.het lab tot leven heeft gebracht, vertelt hoe hij als kind een hekel had aan de dia’s van zijn opa. Hij vertelt over zijn liefde voor de schilderijen van Caspar David Friedrich. Hij vertelt hoe Caspar David Friedrich in zijn schilderijen altijd mensen schildert met de rug naar de toeschouwer toe, en het gezicht richting de natuur. Hij vertelt hoe hij sinds kort pas ziet hoe ook zijn opa in zijn dia’s mensen fotografeerde in de natuur, vrijwel altijd met de rug naar de lens en het gezicht naar het uitzicht. Udo Thijssen heeft een stukje persoonlijke geschiedenis, een stukje romantiek en stukjes wilde natuur mee naar STIL.het lab genomen in de vorm van de dia’s van zijn opa die nu op de muur in het lab zijn te bewonderen.

De grote deuren van de bibliotheek slaan open en éen voor éen mogen we STIL.het lab dan eindelijk echt betreden.

Saskia de Haas