Op bezoek bij de nonnen

Op bezoek bij de nonnen

Als kind ging ik graag naar de Burgers Zoo in Arnhem, waar de Burgers Bush, het tropische regenwoud, mijn favoriete onderdeel van was. Even waande ik mij dan in de jungle, met de vochtigheid en de geurigheid van de tropen. En hoewel ik nooit in de tropen was geweest wist ik gelijk dat de jungle zo hoorde te ruiken. Toen ik een paar jaar geleden in de echte jungle terechtkwam kon ik alleen maar denken ‘Wat lijkt dit op de Burgers Bush! Het ruikt net zo en het lijkt net zo en ook de temperatuur en de vochtigheid voelen precies zo’. Ik moest mijn best doen om mijzelf eraan te helpen herinneren dat dit echt was, de echte jungle. Dat dit een authentieke ervaring was, niet te vergelijken met de Burgers Bush. Ik vraag mij af wat de waarde is van de werkelijke jungle, de authentieke natuur als ik op een andere manier een net zo volledige natuurervaring kan hebben.

Met de geur van de Burgers Bush in mijn achterhoofd, loop ik over de gang in het klooster waar zich STIL.de suite bevindt. Het ruikt er naar natuur, naar verse natte bladeren. Met pen en papier in mijn hand betreed ik de suite met een dak van bladeren en muren van bomen. En heel even waan ik mij op een camping waar een tent wordt open geritst en waar de vogels vrolijk fluiten als je voorbij loopt.

Het is maandagochtend. Lieke en ik hebben een drukke dag voor de boeg. Voor wie denkt dat een dag in STIL.het lab gelijk staat een rust en kalmte, zit er flink naast. Een dag in STIL.het lab is juist ontzettend dynamisch. Naast het filosoferen, het praten en googlen, worden er veel lijstjes gemaakt en wordt er flink wat afgevinkt. En stiekem spenderen we uiteindelijk net zo veel tijd buiten het lab als in het lab.

Vandaag neemt Lieke mij mee naar de nonnen in Sittard. Als de auto is geparkeerd loopt Lieke in hoog tempo richting het klooster alsof ze bang is dat als ze niet hard genoeg loopt het klooster er misschien niet meer staat. We lopen langs het klooster als ze hoopvol roept dat alles er nog hetzelfde uitziet. Ze vertelt over de kloosterkapel vol goud. Ze vertelt over de gangen, over de zusters. Over dat ze misschien een deel van het klooster moeten af staan. Hoopvol belt ze aan, terwijl ik posters op de ramen zie hangen van Maximus Pandbeheer. Ik herken het type poster van anti-kraakwoningen. Er wordt niet open gedaan. Er verschijnt paniek in de ogen van Lieke, terwijl ze zich hardop afvraagt waar de nonnen kunnen zijn. Ze belt. Tot ze een non aan de telefoon krijgt die nu in de Gemma Kapel is. Lieke vraagt of we langs mogen komen. Dat mag.

Een zuster doet open en omhelst Lieke innig. Ik wil beleefd een hand geven, maar ze opent haar armen om mij drie zoenen te geven.

De zuster nodigt ons uit in het keukentje voor een kopje koffie en een wafel, terwijl ze vertelt over hoe ze het klooster twee jaar geleden hebben moeten verlaten en hoe de kapel is ontwijd. Ze vertelt dat ze een afscheidsdienst hebben gehad en dat ze alle beelden uit de kapel hebben meegenomen en hebben bewaard. Ze vertelt dat er nu studenten wonen aan de ene kant en ex-zwervers aan de andere kant. Ze vertelt hoe moeilijk ze het ermee gehad hebben, maar dat ze het ook hebben kunnen accepteren.

Het ontroerd me. Het ontroerd me hoe mooie kerken worden ontwijd, hoe kloosters anti-kraakwoningen worden, en hoe de nonnen langzaam uitsterven. Het ontroerd me hoe weinig ruimte er in onze samenleving nog lijkt te zijn voor geloof en bezinning.

De jungle in Arnhem, de camping in een suite, een house-feest in een kerk en studenten in het klooster. Het klinkt allemaal ontzettend spectaculair en vermakelijk, maar ik vraag me af wat het zegt over de waarde van authenticiteit.

Terwijl ik dit schrijf zit ik in mijn woonkamer die tot 1977 een door de Zusters van de Liefde geopende armengesticht voor vrouwen en meisjes was.  En dit weet ik omdat ik het net pas heb opgezocht. Ik wist dat hier ooit nonnen hadden gewoond en had vaag iets gehoord over een weeshuis, maar nooit heb ik me er in verdiept. Ik wist alleen dat mijn woning in 1978 door krakers is overgenomen.

En ik realiseer me dat ik best wat vaker bewust mag zijn en mag stilstaan bij de waarde van de authenticiteit van een ruimte of locatie.

Saskia de Haas