Geluid

Geluid

Het is nergens stil. Het is zelfs nooit stil geweest. Leven maakt geluid. Zelfs in de stilste ruimte op aarde (Orfield Labaratories ‘anechoic chamber’ in de U.S.), is het niet stil. De stilte schijnt daar zelfs zo ondraaglijk te zijn, dat mensen het niet langer dan 45 minuten volhouden. En dat is al een recordtijd. Het is er stil, maar hoe stiller het is, hoe meer je hoort. Je hoort je hart bonken, je buik borrelen. Je hoort je bloed stromen, je spieren bewegen, je longen suizen. Je hoort je wimpers knipperen, je brein kraken, je ogen kijken. Je hoort je nagels groeien, je haren groeien, een haartje vallen. Je wordt er gek.

Ik omarm de stilte, maar tegelijkertijd vind ik de stilte doodeng. Al van kinds af aan durf ik niet in stilte te slapen. Ik wil stemmen horen, en als die er niet zijn muziek. Als het stil is hoor ik het gerommel, het suizen van de leidingen, van het water, van de energie, van weet ik veel wat. Ik probeer elk geluid, elke gedachte te plaatsen, maar soms lukt dat niet en houd mij dat de halve nacht wakker. In studentenhuizen was ik de beste buurvrouw ooit, omdat ik ervan hield als buren tot laat muziek luisterden, bezoek hadden of feestjes gaven. Dan was ik binnen vijf minuten in diepe slaap. Ik heb op mijn laptop meer dan dertig ‘slaap-muzieklijstjes’. Voor elke slaapstemming een andere afspeellijst. Het is als vluchten. En toch probeer ik dat juist niet te doen, en omarm ik de stilte en zoek ik de stilte graag op. Ik ben geen kolibrie die liever lawaaiige plaatsen bezoekt dan stille plaatsen. Ik leef stil; ik schrijf stil, ik heb geen spectaculaire muziekboxen in huis, geen televisie die lawaai kan maken. Ik heb geen auto, blaffende honden of een schelle schaterlach. Ik heb een muisstille buurvrouw die mij ‘s avonds niet met haar lawaai in slaap kan wiegen. De stilte maakt mij alert en dat is precies niet wat ik wil als ik ga slapen, maar wel de rest van de dag.

Het is nergens stil, maar zo lawaaierig als nu is het nooit eerder geweest. Zelfs de stille wereld van de vissen wordt verstoord door olie- en gasleidingen, schepen en sonarapparatuur, wat grote problemen oplevert voor de voortplanting van vissen, het ontwijken van gevaarlijke roofdieren en de communicatie onderling.

Wist u dat vogels in grote steden hoger zingen, harder zingen en hun toon langer vasthouden, om over het stadslawaai heen te komen? En dat de vink en de mus niet hoger kunnen zingen en dus in de problemen komen met het vinden van een partner? Wist u dat vele grotere vogels zelfs helemaal verdwijnen uit gebieden met veel geluid, zelfs als het gebied verder wel heel geschikt is om te bewonen?

Wist u dat geluidsvervuiling bijna net zo slecht is voor je hart als smog?

Ik word me steeds bewuster van geluid en van stilte. Ik denk zelfs dat ik vanaf vanavond ga proberen in stilte te slapen. Gewoon luisteren naar de geluiden die er zijn en de gedachtes die er zijn, zonder ze te sturen met een mooi muziekje. Want wat kan er nou zo eng zijn aan stilte? Zouden we niet veel banger moeten zijn voor geluid, als het vogels wegjaagt, vissen desoriënteert en mensen stress bezorgt?

Saskia de Haas